Wat is een Klimaatwet?
Een Klimaatwet is een wet die het Nederlandse kabinet verplicht om jaarlijks de uitstoot van broeikasgassen (vooral CO2) in Nederland met een vast percentage (minimaal drie procent) te verminderen. Dat vaste jaarlijkse percentage is afgeleid van een lange termijn doelstelling, om de uitstoot in Nederland in 2020 met minimaal dertig procent te verminderen ten opzichte van 1990. Dit is nodig om klimaatverandering en de nadelige gevolgen daarvan te voorkomen. Want klimaatverandering, de opwarming van de aarde, wordt veroorzaakt door de uitstoot van broeikasgassen, zoals CO2. Een Klimaatwet maakt goede voornemens voor de vermindering van die uitstoot bij wet verplicht. Voor iedereen: overheid, bedrijven en burgers in Nederland.
Waarom moet er een Klimaatwet komen?
Klimaatverandering is een grote dreiging voor de mensheid. Gevolgen zijn bijvoorbeeld aanhoudende droogtes, stijging van de zeespiegel met overstromingen als gevolg, en verlies aan natuurlijke ecosystemen, zoals koraalriffen en delen van de Amazone, waardoor veel soorten met uitsterven bedreigd worden. De Nederlandse overheid heeft zichzelf ambitieuze klimaatdoelen gesteld (dertig procent minder uitstoot van broeikasgassen in 2020), maar helaas zijn deze vooral op halve en vrijblijvende maatregelen gebaseerd. De huidige kabinetsplannen zijn bovendien onvoldoende om de eigen doelstellingen te halen, stellen ook onderzoekers en zelfs adviseurs van de overheid, zoals het Milieu en Natuur Planbureau (MNP) en het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN). Het kabinet is voor het halen van haar doelstellingen daarnaast ook teveel afhankelijk van anderen: zo wordt er verondersteld dat volgende kabinetten het huidige klimaatbeleid voortzetten én dat Europese Unie haar klimaatbeleid aanzienlijk intensiveert. Maar dat is nog helemaal niet duidelijk: een volgend kabinet kan bijvoorbeeld de nu vrijblijvend gemaakte afspraken over reductie weer compleet veranderen. Een ander nadeel van de plannen is, dat ze voor een groot deel zijn gebaseerd op vrijwillige afspraken (convenanten) met het bedrijfsleven. Dit biedt bedrijven geen investeringszekerheid voor de lange termijn: ze durven niet snel investeringen te doen (in technologie) voor het gebruik van duurzame energie, wegens onzekerheid over het verloop van het regeringsbeleid op dit gebied. Invoering van een Klimaatwet lost alle bovenstaande problemen op: het biedt overheden, burgers en bedrijven een helder, geloofwaardig en lange-termijnkader, waarmee we beter kunnen werken aan het tegengaan van klimaatverandering in Nederland én de rest van de wereld.
Wat komt precies in de Klimaatwet te staan?
De Klimaatwet is in eerste instantie een kaderwet. Er staat in hoeveel broeikasgassen er in Nederland jaarlijks de lucht in mogen: het nationale klimaatbudget. Dit budget daalt elk jaar met ongeveer drie procent. Dit jaarlijkse percentage is afgeleid van de lange-termijn-klimaatdoelen die ook in de Klimaatwet zijn opgenomen: in 2020 stoot Nederland 30 procent minder broeikasgassen uit dan in 1990. ;in 2030 stoten we 50 procent minder uit dan in 1990 en in 2050 stoten we uiteindelijk 80 tot 95 procent minder uit dan in 1990. Het jaarlijkse klimaatbudget wordt verdeeld over de verschillende ministeries. De ministers worden verantwoordelijk voor de doelstellingen van hun sector. Net als bijvoorbeeld bij de begroting wordt jaarlijks gekeken of de doelen gehaald worden, of dat er meer maatregelen van de overheid nodig zijn. Uitgangspunt bij de gestelde doelen is, dat we onze uitstoot zodanig moeten verminderen dat het in lijn is met wat nodig is om de ergste gevolgen van klimaatverandering wereldwijd te voorkomen. Op basis van veel wetenschappelijk onderzoek zou dat betekenen dat we moeten voorkomen dat de aarde meer dan twee graden Celsius opwarmt ten opzichte van de tijd vóór de industriële revolutie. Dat houdt in dat we in 2050 wereldwijd een vermindering van de uitstoot met vijftig tot 85 procent voor elkaar moeten krijgen. In de Klimaatwet wordt ook vastgelegd dat het kabinet geld vrijmaakt om klimaatbeleid in ontwikkelingslanden te steunen
Op wie richt de campagne zich: minister Cramer van Milieu, de premier, of de Tweede Kamer?
De campagne richt zich op het kabinet en op de Kamer. Succesvol klimaatbeleid vergt inzet in alle sectoren (industrie, verkeer, landbouw, etc.) en kan daarom niet alleen de verantwoordelijkheid van minister Cramer zijn – het gaat het hele kabinet aan. De Klimaatwet kan er komen vanuit het kabinet zelf, of via de Tweede Kamer. Wij richten onze oproep daarom op beide. Wanneer de Klimaatwet er eenmaal is, is de minister-president, als leider van de regering, verantwoordelijk voor het halen van de klimaatdoelen. Hij moet daarover uiteindelijk ook verantwoording afleggen.